Update voortgang START project

Project START (STeam Assets Round Table) is een strategische studie naar de toekomst van het stoomassetpark van USG en wordt gesubsidieerd vanuit het Europese Just Transition Fund (JTF).
De aanleiding voor START is dat een aantal USG‑ketels het einde van hun technische levensduur nadert, terwijl de toekomstige netto stoomvraag op Chemelot zeer onzeker is. Nieuw te bouwen stoomketels moeten voldoen aan hoge duurzaamheidseisen en vergen grote investeringen, terwijl het toekomstige inzetperspectief onzeker is. Om de toekomstige assetstrategie zo goed mogelijk te bepalen, heeft USG samen met de grootste stoomklanten en andere Chemelot‑stakeholders een rondetafel gevormd. Het doel hiervan is het afstemmen van toekomstplannen, het in kaart brengen van de impact daarvan op de stoombalans en het uitwerken en afwegen van mogelijke technologieën en configuraties voor het toekomstige stoomassetpark.
Uit de analyse is gebleken dat eind jaren ’20 nog steeds behoefte bestaat aan 140 bar stoomproductiecapaciteit op Noord, terwijl er op dat moment nog geen grootschalige elektriciteit of waterstof beschikbaar zal zijn. Dit inzicht heeft geleid tot het besluit om de twee grote 140 bar‑stoomketels op Noord een levensduurverlenging van vier jaar te geven.
Voor de verdere toekomst zijn diverse configuraties voor het 140 bar assetpark uitgewerkt, waaronder verdere levensduurverlengingen, nieuwe waterstof‑ready 140 bar stookgasboilers en een hogedrukstoomcompressor die 79 bar stoom comprimeert naar 140 bar. Ook is onderzocht in hoeverre de warmtekrachtcentrale op Chemelot nog een rol zou kunnen spelen.
Indien USG in de toekomst een nieuwe gasgestookte stoomketel zal bouwen, heeft een waterstof‑ready variant de voorkeur. Deze ketel zal in eerste instantie stookgas gebruiken als brandstof. Stookgas is een mengsel van aardgas en restgassen van diverse fabrieken op Chemelot. Zodra Chemelot een aansluiting krijgt op de landelijke waterstofbackbone, en de waterstofprijs aantrekkelijk is, kan de waterstof‑ready stookgasketel relatief eenvoudig worden omgebouwd naar een ketel die volledig op waterstof en restgassen draait. De studie heeft aangetoond dat een waterstof‑ready variant technisch haalbaar is, inclusief een indicatie van de benodigde investering.
Ook de technische haalbaarheid van een hogedrukstoomcompressor is onderzocht. Een compressor die 79 bar stoom comprimeert tot 140 bar kan mogelijk de investering in een nieuwe 140 bar stoomketel voorkomen. Uit de studie blijkt dat de voor USG benodigde stoomcompressor een uniek design vergt maar technisch haalbaar is, weliswaar met een ontwikkeltraject van meerdere jaren. Een nadeel is dat de bedrijfsvoering complexer wordt en dat de hoeveelheid stoomafblaas toeneemt bij lage stoomvraag.
Daarnaast is onderzoek gedaan naar grote elektrische stoomboilers. Zowel voor een 42 bar als een 79 bar‑variant is gekeken naar het ontwerp en de benodigde investering, inclusief oververhitters. Uit de studie blijkt dat grote E‑boilers op hogere drukken momenteel geen rendabele businesscase hebben vanwege de hoge investering (met name door de benodigde elektrische infrastructuur en oververhitters), de hoge netwerkkosten en de beperkte inzetmogelijkheden bij lage stoomvraag.
Tenslotte wordt in de studie onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van thermische energieopslag in combinatie met een hogedruk‑stoomgenerator. Deze opslag wordt geladen met groene elektriciteit en kan hoge druk stoom leveren. Omdat dit systeem hoge druk draaiende reserve stoom kan leveren, kan USG in de toekomst mogelijk met minder draaiende ketels opereren, waardoor de hoeveelheid stoomafblaas afneemt. Een systeem met thermische energieopslag en hoge druk stoomopwekking heeft meerdere voordelen: het gebruikt groene elektriciteit om CO₂‑vrije stoom te produceren, vermindert stoomafblaas en kan via demand‑side response bijdragen aan stabilisatie van het elektriciteitsnet. Samen met een technologieleverancier wordt onderzoek gedaan naar het ontwerp, de specificaties, de benodigde ruimte en de benodigde investeringen. Het moge duidelijk zijn dat project START een omvangrijke studie is die al veel nuttige kennis en inzichten heeft opgeleverd. In 2026 wordt het onderzoek voortgezet en wordt toegewerkt naar een robuuste strategie voor de ontwikkeling van het toekomstige stoomassetpark van USG.
